vrijdag 29 juli 2011

Slapeloze nachten, vervolg

Ongeveer een jaartje geleden heb ik geblogd over de slaapproblemen van onze oudste (
Slapeloze nachten). Ondertussen hebben we heel wat vooruitgang geboekt en hoewel onze nachten nog vaak onderbroken zijn, hebben we ermee leren leven.

Het voorbije jaar hebben we allerlei methoden geprobeerd om wat rust te vinden in ons gezin zoals overdag bijslapen of om beurten de wacht doen 's nachts. Ook hebben we beloningssystemen geprobeerd met veel succes. Helaas verdween het resultaat van de beloningen snel zodra hij de beloning had ontvangen... Ook het overdag slapen en om beurten een nachtje slapen vonden we soms frustrerend. Want wie wilt er nou niet genieten van een goede nachtrust? Het feit dat onze baby om 3u 's nachts en 7u 's morgens een voeding eiste, verergerde de situatie vaak. Dit klinkt natuurlijk allemaal niet hoopvol voor de lezer die had gehoopt een antwoord op zijn vragen te vinden. Toch is onze situatie sterk verbeterd en zijn we (bijna) uitgeslapen en uitgerust.

De eerste verandering die de andere veranderingen in gang zette, was onze instelling. Een probleem is pas een probleem als je het zo benoemt. Zie je, ik had verhalen gehoord en gelezen van ouders die ook 's nachts wakker werden gebruld of hun slaapwandelaar voor de zoveelste keer naar bed moesten brengen die er geen problemen mee hadden. Ze waren integendeel 's morgens goedgezind, ook al waren ze moe. Ik bleef me afvragen hoe ze dat deden. Waren ze dan niet moe? Hoe deden ze dat toch?

Het antwoord was simpel: ze aanvaardden het probleem gewoon. Ze aanvaardden dat hun kind geen normaal slaappatroon had. De nachtelijke bezoeken, rondzwervingen in huis en het gebrul waren vanzelfsprekend. Hun kind forceren om te veranderen hoefde niet omdat het bij hun kind hoorde. Ik stond hier sceptisch tegenover omdat ik vond dat een kind moet leren andere gezinsleden te respecteren en bijgevolg 's nachts niet zomaar mag storen. Ook vond ik dat het kind zelf zijn angst moest leren overwinnen. Toch probeerde ik het.

Voor ik ging slapen nam ik me voor dat ik minstens 2 keer gewekt zou worden. Ik sliep wel onrustig maar toen ik gewekt werd, was ik geduldig en bracht ik onze jongen zonder woorden rustig naar bed. Zo werd hij niet helemaal wakker en viel hij snel terug in slaap. Na een paar nachten volhouden, moest ik nog maar één keer opstaan. Als hij ging slaapwandelen, ging hij niet ver meer en kroop snel zelf in bed. De nachtelijke ruzies waren voorbij! Snel volgden nachten dat ik helemaal niet meer moest opstaan: als hij aan ons bed stond, vroeg ik hem gewoon naar bed te gaan en dat werkte!

Er zijn ondertussen ook nachten geweest dat hij zijn kamer niet heeft verlaten. Ook het slapengaan is veel makkelijker geworden. Omdat we niet bij hem op de kamer wilden blijven tot hij in slaap viel, stelden we de regel in dat we om de 5 minuten gingen kijken. De 5 minuten werden 7, dan 10, dan een kwartier en nog langer tot hij helemaal sliep. Het was voor hem een geruststelling dat er altijd iemand in de buurt was. Zo was hij minder bang. En omdat hij in slaap begon te vallen, viel het hem niet op dat het telkens langer duurde. Het enige dat hij opmerkte was dat hij niet lang alleen was. Nu gaat hij rustig in zijn bedje liggen. Soms trekt hij zijn deken wel over zijn hoofd als hij bang is, maar hij verwacht niet meer dat we langskomen of bij hem blijven. De avonden zijn een stuk rustiger geworden.

De sleutel in ons geval was aanvaarden en hem dit duidelijk maken. Geen verwijten meer maken over de slapeloze nachten, maar duidelijk zeggen dat we weten dat hij 's nachts bang is en duidelijk vertellen hoe hij zijn angst kan overwinnen. En vooral: 's nachts zelf stilte respecteren: geen urenlange monologen, maar hem snel en vriendelijk in bed leggen. Ook overdag er niet teveel woorden aan vuil maken: het is zoals het is. Naast het aanvaarden was de innerlijke Kwebbel het zwijgen opleggen het moeilijkste.

Maar nu we wat bijgeslapen zijn, kan ik even afstand nemen van de situatie en het objectief bekijken. Dan valt het me op dat zijn gedrag verdacht veel overeenkomst vertoont met een klein meisje dat ook niet graag sliep. Ze brulde wel niet 's nachts maar lag vaak wakker naar het plafond te staren... . Als ik dan denk hoe dat klein meisje zich voelde, weet ik hoe ik hiermee moet omgaan.

Ons probleem is geen probleem meer. En voor de 20% jonge ouders die nog worstelen met hetzelfde probleem kan ik alleen maar zeggen: voor elk probleem is er een oplossing.

En een nacht doorslapen doen we wel als onze kids het huis uit zijn ;-)

0 reacties:

Een reactie plaatsen